Statuten

de naam van de vereniging
1. De naam van de vereniging is: Nederlandse Vereniging voor Bachelor Medisch Hulpverleners (NVBMH).

de zetel van de vereniging
2. De vereniging is gevestigd in de gemeente Utrecht.

de tijd waarvoor de vereniging is opgericht
3. De vereniging is opgericht voor onbepaalde tijd.

het doel van de vereniging
4.1. Het doel van de vereniging is:
– het verenigen van medisch hulpverleners en het behartigen van de belangen van de beroepsgroep in het algemeen en haar leden in het bijzonder;
– en verder al hetgeen hiermee in de ruimste zin verband houdt, daartoe behoort en/of daartoe bevorderlijk kan zijn.
4.2. De vereniging heeft niet ten doel het maken van winst.

de middelen waarmee de vereniging haar doel wil bereiken
5. De vereniging probeert haar doel door alle wettige middelen te bereiken.

de geldmiddelen van de vereniging
6.1. De geldmiddelen van de vereniging bestaan uit:
a. de contributies van de leden;
b. de inkomsten uit haar vermogen;
c. de opbrengsten van de door de vereniging georganiseerde evenementen;
d. subsidies, schenkingen, erfstellingen en legaten;
e. eventuele andere baten.
6.2. Erfstellingen mogen door de vereniging slechts worden aanvaard onder het voorrecht van boedelbeschrijving.

het verenigingsjaar
7. Het verenigingsjaar is gelijk aan het kalenderjaar.

over de leden
8.1. De vereniging kent gewone leden, die hebben te gelden als leden in de zin van de wet.
Gewone leden kunnen slechts zijn natuurlijke personen in het bezit van een door de Nederlands-Vlaamse Accreditatieorganisatie (hierna: «NVAO») erkend diploma Bachelor Medische Hulpverlening (hierna: «BMH»).
8.2. De vereniging kent daarnaast ook studentleden, buitengewone leden en ereleden:
a. Student-leden kunnen slechts zijn natuurlijke personen die als student staan ingeschreven bij een door de NVAO erkende opleiding BMH.
Een student-lid heeft geen stemrecht en is geen lid in de zin van de wet.
b. Buitengewone leden zijn natuurlijke personen die niet voldoen aan de eisen gesteld aan een gewoon lid of aan een student-lid, maar die op voorstel van het bestuur als zodanig door de algemene vergadering zijn toegelaten.
Een buitengewoon lid heeft geen stemrecht en is geen lid in de zin van de wet.
c. Ereleden zijn natuurlijke personen die wegens hun buitengewone verdiensten ten opzichte van de vereniging of in het kader van de doelstelling van de vereniging op voorstel van het bestuur als zodanig door de algemene vergadering zijn benoemd.
Een erelid heeft geen stemrecht en is geen lid in de zin van de wet.
8.3. Overal waar in deze statuten wordt gesproken over «leden» of «lid» worden daarmee zowel de gewone leden als de student-leden als de buitengewone leden als de ereleden bedoeld, tenzij uit de statuten van het tegendeel blijkt.

over de aanmelding voor het lidmaatschap
9.1. Wie lid van de vereniging wil worden, moet zich daarvoor schriftelijk opgeven bij het bestuur van de vereniging.
9.2. Over het toelaten van een gewoon lid of student-lid beslist het bestuur.
Over het toelaten van een buitengewoon lid of het benoemen van een erelid beslist de algemene vergadering op voorstel van het bestuur.
Een student-lid kan, na het behalen van het in artikel 8 lid 1 bedoelde diploma, het bestuur schriftelijk verzoeken hem/haar als gewoon lid toe te laten.
9.3. Als het bestuur iemand niet als lid van de vereniging toelaat, moet het de afgewezene binnen vier weken na het bestuursbesluit schriftelijk en met opgave van redenen van de afwijzing in kennis stellen.
9.4. In geval van niet-toelating door het bestuur kan de algemene vergadering alsnog tot toelating besluiten.

over de verplichtingen van de leden
10.1. De leden moeten elk jaar een door de algemene vergadering vastgestelde contributie betalen. Zij kunnen daartoe in categorieën worden ingedeeld die een verschillende contributie betalen. Deze verplichting geldt niet voor ereleden.
10.2. De contributie is verschuldigd bij de aanvang van het verenigingsjaar; bij het eindigen van het lidmaatschap tijdens het verenigingsjaar vindt er geen restitutie van de contributie plaats.
10.3. Wie lid wordt tijdens het verenigingsjaar moet naar tijdsgelang contributie betalen.
10.4. Het bestuur is, na daartoe verkregen toestemming van de algemene vergadering, bevoegd verbintenissen aan het lidmaatschap te verbinden die bij het doel en de aard van de vereniging passen.

hoe het lidmaatschap eindigt
11. Het lidmaatschap eindigt in elk van de volgende gevallen:
a. door opzegging door het lid;
b. door opzegging door het bestuur namens de vereniging;
c. door ontzetting uit het lidmaatschap door de algemene vergadering;
d. door overlijden van het lid.

over opzegging van het lidmaatschap door het lid
12. Als een lid zijn lidmaatschap wil beëindigen, moet hij dat schriftelijk en ten minste vier weken vóór het einde van het verenigingsjaar opzeggen.

over opzegging van het lidmaatschap door de vereniging
13.1. De vereniging kan het lidmaatschap van een lid opzeggen wanneer een lid heeft opgehouden aan de vereisten voor het lidmaatschap, zoals bij deze statuten gesteld, te voldoen, als het lid zijn contributie niet betaalt, eventuele andere verplichtingen tegenover de vereniging niet nakomt of als om welke reden dan ook redelijkerwijs van de vereniging niet gevergd kan worden dat zij het lidmaatschap laat voortduren.
13.2. De opzegging van het lidmaatschap namens de vereniging gebeurt door het bestuur; het bestuur moet dat schriftelijk doen en het lid daarbij de reden voor de opzegging meedelen.
13.3. Het lid kan tegen het bestuursbesluit waarbij hem zijn lidmaatschap is opgezegd, bij de algemene vergadering in beroep gaan.

over ontzetting uit het lidmaatschap
14.1. De algemene vergadering kan besluiten een lid uit het lidmaatschap te ontzetten; zij kan zo’n besluit alleen maar nemen als het lid in strijd met de statuten, reglementen of besluiten van de vereniging handelt of als het lid de vereniging op onredelijke wijze benadeelt.
14.2. Meteen na zo’n besluit van de algemene vergadering stelt het bestuur het lid daarvan schriftelijk op de hoogte en deelt hem daarbij de reden voor de ontzetting mee.

over het schorsen van een lid
15.1. Het bestuur kan een lid voor een periode van ten hoogste drie maanden schorsen; het bestuur moet zijn besluit schriftelijk aan het lid meedelen en hem daarbij ook de reden van de schorsing opgeven.
15.2. Zolang zijn schorsing duurt, mag het lid zijn lidmaatschapsrechten niet uitoefenen, maar moet hij wel zijn financiële verplichtingen jegens de vereniging blijven nakomen.
15.3. Het lid kan tegen het schorsingsbesluit van het bestuur bij de algemene vergadering in beroep komen.

over het in beroep gaan door een lid
16.1. Het lid dat geschorst is of aan wie het lidmaatschap is opgezegd, kan in beroep gaan bij de algemene vergadering; de termijn waarbinnen zo’n lid in beroep kan gaan, bedraagt vier weken.
16.2. De algemene vergadering moet binnen vier weken nadat het lid bij haar in beroep is gegaan een gemotiveerde uitspraak doen en die schriftelijk aan het lid meedelen.
16.3. Gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep is het lid aan wie het lidmaatschap is opgezegd, geschorst.

over het bestuur van de vereniging
17.1. De vereniging heeft een bestuur dat bestaat uit ten minste vier en ten hoogste tien personen, maar ook als het aantal bestuursleden minder dan vier bedraagt, blijft het bestuur bevoegd; het bestuur moet dan wel binnen twee maanden nadat het aantal bestuursleden beneden het aantal van vier is gedaald een algemene vergadering bijeenroepen om in de vacature te voorzien.
17.2. De algemene vergadering benoemt de bestuursleden uit de leden van de vereniging. Een buitengewoon lid kan geen deel uitmaken van het bestuur.
17.3. Het bestuur wijst uit zijn midden een voorzitter, een vicevoorzitter, een secretaris en een penningmeester aan; de functie van voorzitter is niet met een andere functie verenigbaar.
17.4. Bestuursleden moeten meerderjarig zijn.
17.5. Het bestuur of ten minste vijf andere leden van de vereniging samen kunnen een kandidaat voor het bestuurslidmaatschap stellen; kandidaten moeten zich schriftelijk bereid verklaren.
17.6. Kandidaatstellingen door anderen dan bestuursleden moeten, met de bereidverklaring van die kandidaten, ten minste een week vóór de vergadering schriftelijk bij de secretaris van het bestuur ingediend worden.
17.7. Aan de bestuursleden kan een beloning worden toegekend.
Kosten worden aan de bestuursleden op vertoon van de bewijsstukken vergoed.

over het schorsen en ontslaan van bestuursleden
18.1. De algemene vergadering kan bestuursleden altijd schorsen of ontslaan.
18.2. Als schorsing van een bestuurslid niet binnen drie maanden door ontslag gevolgd wordt, eindigt die schorsing.

over duur en einde van het bestuurslidmaatschap
19.1. De algemene vergadering benoemt de leden van het bestuur voor een periode van vier jaar; de leden van het bestuur zijn terstond herkiesbaar voor ten hoogste één periode van vier jaar.
19.2. Het bestuurslidmaatschap eindigt:
a. door ontslag door de algemene vergadering;
b. door einde van het lidmaatschap van de vereniging;
c. door ontslagneming door het bestuurslid zelf; als het bestuurslid ontslag neemt, moet hij een opzegtermijn van ten minste acht en twintig dagen in acht nemen.
19.3. Als het bestuurslidmaatschap eindigt door het verstrijken van de periode waarvoor het bestuurslid benoemd is, en als er dan nog geen opvolger is benoemd, blijft het bestuurslid nog in functie totdat de algemene vergadering in de vacature heeft voorzien of heeft besloten de vacature niet meer te vervullen, tenzij van dat bestuurslid redelijkerwijs niet gevergd kan worden zijn bestuurswerkzaamheden te moeten voortzetten.

over vergadering en besluitvorming door het bestuur
20.1. Het bestuur vergadert zo vaak de voorzitter of twee andere bestuursleden dat willen, maar ten minste eenmaal per drie maanden.
20.2. De oproepingstermijn voor een bestuursvergadering is ten minste zeven dagen.
20.3. Het bestuur kan alleen maar besluiten nemen als ten minste twee/derde gedeelte van het aantal in functie zijnde bestuursleden aanwezig of vertegenwoordigd is.
20.4. Het bestuur neemt zijn besluiten met gewone meerderheid van stemmen.
20.5. Als de stemmen staken, heropent de voorzitter de discussie; als de stemmen daarna weer staken, beslist de voorzitter.
20.6. Ook buiten vergadering kan het bestuur besluiten nemen; zo’n besluit kan echter alleen maar tot stand komen als alle bestuursleden zich per brief, telefax, e-mail, of ander schriftelijk communicatiemiddel vóór het te nemen besluit verklaren.

over beperking van de bestuursbevoegdheden
21.1. De algemene vergadering is bevoegd besluiten van het bestuur aan haar goedkeuring te onderwerpen. Deze besluiten dienen duidelijk te worden omschreven en schriftelijk aan het bestuur te worden meegedeeld.
21.2. Zonder goedkeuring van de algemene vergadering mag het bestuur geen overeenkomsten aangaan tot het verkrijgen, vervreemden of bezwaren van registergoederen, of overeenkomsten sluiten waarbij de vereniging zich als borg of hoofdelijk medeschuldenares verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidsstelling voor de schuld van een ander verbindt. Slechts de vereniging zelf kan zich op het ontbreken van de goedkeuring van de algemene vergadering beroepen.

over de taken van voorzitter, secretaris en penningmeester
22.1. De taak van de voorzitter is:
– het houden van toezicht op het handhaven van statuten en reglementen en op het uitvoeren van de besluiten van de vereniging;
– het leiden van de vergaderingen van bestuur en leden.
22.2. De taak van de secretaris is:
– het beheren van het archief van de vereniging;
– het houden van de notulen van vergaderingen;
– het verzorgen van de correspondentie van de vereniging;
– het opstellen van het verslag van de gang van zaken binnen de vereniging elk jaar.
22.3. De taak van de penningmeester is:
– het dagelijkse beheer van de geldmiddelen en het bijhouden van de financiële administratie van de vereniging;
– het innen van vorderingen en het betalen van de schulden van de vereniging;
– het opstellen van het financiële verslag elk jaar;
– het opstellen van een begroting elk jaar.
22.4. Het bestuur moet ervoor zorgen dat de algemene vergadering zich altijd op de hoogte kan stellen van de financiële toestand van de vereniging en van haar rechten en verplichtingen.

over vertegenwoordiging
23.1. De vereniging kan, behalve door het voltallige bestuur, ook worden vertegenwoordigd door de voorzitter samen met de vicevoorzitter, de secretaris of de penningmeester dan wel door de vicevoorzitter, de secretaris en de penningmeester samen.
23.2. Het bestuur mag een of meer medebestuursleden een algehele of beperkte volmacht geven om de vereniging te vertegenwoordigen; zo’n volmacht moet schriftelijk gegeven worden. Een algemene volmacht zal het bestuur voor derden kenbaar moeten maken door publicatie in het handelsregister bij de Kamer van Koophandel in de plaats waar de vereniging is ingeschreven.

over het bijeenroepen van de algemene vergaderingen
24.1. Het bestuur roept de leden voor een algemene vergadering bijeen zo vaak het dat nodig vindt, maar ten minste tweemaal per jaar.
24.2. De oproeping voor elke vergadering moet ten minste veertien dagen vóór de vergadering gebeuren door de leden de agenda ter hand te stellen of toe te sturen naar hun adressen. Oproeping kan ook gebeuren aan het e-mailadres dat een lid voor dit doel aan de vereniging bekend heeft gemaakt.
24.3. Ieder lid heeft het recht om op een vergadering agendapunten aan de orde te stellen; maar dat kan alleen maar gebeuren als het lid die onderwerpen ten minste tien dagen vóór de vergadering schriftelijk aan de secretaris van het bestuur opgegeven heeft; zulke agendapunten moet de secretaris uiterlijk zeven dagen voor de vergadering aan de leden schriftelijk meedelen.
24.4. Voorzitter en secretaris van het bestuur treden als voorzitter en secretaris van de algemene vergadering op; als voorzitter of secretaris afwezig is, treedt een van de andere bestuursleden als voorzitter of secretaris op; kan ook op deze wijze geen voorzitter of secretaris worden gevonden, dan voorziet de algemene vergadering hierin zelf.
24.5. Als een/tiende gedeelte van het aantal stemgerechtigde leden daar om vraagt, moet het bestuur een algemene vergadering bijeenroepen; die leden moeten dat wél schriftelijk doen en daarbij de reden voor zo’n vergadering opgeven; het bestuur moet zo’n vergadering dan binnen acht en twintig dagen na dat verzoek bijeenroepen; als het bestuur niet binnen veertien dagen aan dat verzoek gevolg heeft gegeven, kunnen de verzoekers zelf tot die bijeenroeping overgaan op de in dit artikel bedoelde wijze óf door een advertentie in ten minste één veel gelezen landelijk dagblad; zo nodig voorziet de vergadering dan zelf in haar leiding en in het notuleren van het verloop van die vergadering.
24.6. Alleen leden en donateurs hebben toegang tot de vergadering, tenzij de algemene vergadering besluit bepaalde andere personen die geen lid zijn, voor de vergadering uit te nodigen. Donateurs hebben daarin geen stemrecht, maar wel het recht om het woord te voeren.
24.7. Indien het bestuur bij de oproeping tot een algemene vergadering de mogelijkheid daartoe heeft geopend, zijn de leden bevoegd hun stemrecht door middel van een elektronisch communicatiemiddel uit te oefenen, mits (i) de voorwaarden te stellen aan het gebruik van het communicatiemiddel, zoals de verbinding, de beveiliging en dergelijke, bij de oproeping worden bekendgemaakt, (ii) het lid kan worden geïdentificeerd, (iii) het lid rechtstreeks kan kennisnemen van de verhandelingen op de vergadering, en (iv) indien deze mogelijkheid daartoe is geopend, het lid kan deelnemen aan de beraadslagingen.
24.8. Indien het bestuur de mogelijkheid daartoe schriftelijk heeft geopend, kunnen stemmen voorafgaand aan de algemene vergadering via een elektronisch communicatiemiddel worden uitgebracht op een speciaal daartoe aangewezen e-mailadres, maar niet eerder dan de dertigste dag vóór die van de vergadering. Deze stemmen worden gelijkgesteld met stemmen die in de algemene vergadering worden uitgebracht.

over stemming en quorum tijdens de algemene vergaderingen
25.1. Alleen gewone leden hebben stemrecht.
25.2. De algemene vergadering neemt, als deze statuten niet anders bepalen, haar besluiten met gewone meerderheid van stemmen.
25.3. De algemene vergadering kan alleen maar besluiten nemen als ten minste een/tiende gedeelte van het aantal stemgerechtigde leden aanwezig of vertegenwoordigd is.
25.4. Is op een algemene vergadering niet het vereiste aantal leden aanwezig of vertegenwoordigd, dan kan ten minste veertien maar ten hoogste acht en twintig dagen daarna een nieuwe algemene vergadering bijeen geroepen worden, in welke vergadering – ongeacht het aantal dan aanwezige of vertegenwoordigde leden – over dezelfde onderwerpen als van de vorige vergadering besluiten kunnen worden genomen met een meerderheid van ten minste twee/derde gedeelte van het aantal stemmen.
25.5. Een lid mag een ander lid volmacht geven om hem op een algemene vergadering te vertegenwoordigen om daar namens hem het woord te voeren en te stemmen; zo’n volmacht moet schriftelijk gegeven worden; een lid kan slechts één ander lid vertegenwoordigen.
25.6. Stemmingen over personen moeten schriftelijk plaatsvinden, maar als niemand van de leden zich daartegen verzet, mag de vergadering haar besluit bij acclamatie nemen.
25.7. Bij staken van stemmen over personen anders dan bij verkiezingen, volgt een herstemming; als dan weer de stemmen staken, is het voorstel verworpen.
25.8. Het stemmen over personen bij verkiezingen moet gebeuren met een gewone meerderheid van stemmen; verwerft niemand over wie gestemd wordt de gewone meerderheid, dan moet herstemming plaatsvinden tussen de personen die de meeste stemmen behaalden en wel zo, dat het aantal personen over wie dan gestemd wordt altijd één meer bedraagt dan het aantal te vervullen vacatures; bij deze herstemming is de gewone meerderheid van stemmen beslissend.
25.9. Stemmingen over zaken gebeuren mondeling, tenzij het bestuur of de vergadering tot schriftelijke stemming besluit.
25.10. Bij staken van stemmen over zaken is het voorstel verworpen.
25.11. Blanco stemmen en ongeldige stemmen tellen voor de besluitvorming niet mee.
25.12. Alle schriftelijke stemmingen moeten gebeuren met ongetekende, gesloten briefjes.

over reglementen
26.1. Het bestuur stelt zo nodig reglementen vast voor zijn eigen werkzaamheden en voor die van de raad van advies.
26.2. De algemene vergadering kan een (huishoudelijk) reglement vaststellen.
26.3. Reglementen mogen niet in strijd zijn met de wet, ook waar die geen dwingend recht bevat, noch met de statuten.

over de raad van advies
27.1. De vereniging kan een raad van advies hebben.
27.2. De algemene vergadering kiest de leden van de raad van advies en bepaalt het aantal leden.
27.3. De raad van advies vergadert ten minste tweemaal per jaar
27.4. De raad van advies heeft de taak om gevraagd en ongevraagd het bestuur advies te geven; bovendien heeft de raad de bevoegdheid zowel kandidaten voor te dragen voor benoemingen in het bestuur als voor de raad zelf; op verzoek van de raad moet het bestuur een bestuursvergadering houden.
27.5. De raad van advies is bevoegd alle bestuursvergaderingen bij te wonen.
27.6. De raad van advies neemt zijn besluiten met gewone meerderheid van stemmen.

over de jaarstukken
28.1. Binnen zes maanden na afloop van elk verenigingsjaar houdt de vereniging haar jaarvergadering.
28.2. Tijdens de jaarvergadering komen in ieder geval aan de orde:
a. de jaarstukken;
b. het verslag van de kascommissie en de benoeming van een nieuwe kascommissie;
c. de voorziening in eventuele vacatures;
d. de vaststelling van de contributie.
28.3. De jaarstukken bevatten in ieder geval: het jaarverslag van het bestuur, een balans, een overzicht van de ontvangsten en uitgaven, en een toelichting op die stukken.
28.4. De penningmeester legt in die vergadering rekening en verantwoording af over zijn financiële beheer; als de algemene vergadering de jaarstukken vastgesteld heeft, is het bestuur gedechargeerd.
28.5. De algemene vergadering kan, voordat zij de jaarstukken goedkeurt, besluiten dat een accountant of andere deskundige die stukken controleert.

over de begroting
29.1. Binnen drie maanden vóór elk verenigingsjaar stelt het bestuur een begroting op voor het volgende kalenderjaar en stuurt die naar de leden; die begroting moet zijn voorzien van een toelichting.
29.2. De algemene vergadering moet vóór het einde van het verenigingsjaar de door het bestuur opgestelde begroting goedkeuren.

over commissies en werkgroepen
30.1. De algemene vergadering of het bestuur mogen commissies of werkgroepen instellen.
30.2. De algemene vergadering benoemt elk jaar een kascommissie van ten minste twee leden, die geen bestuurslid mogen zijn, om de rekening en verantwoording van het bestuur te onderzoeken; deze kascommissie brengt aan de algemene vergadering verslag uit van haar bevindingen.

over donateurs van de vereniging
31.1. Donateurs van de vereniging zijn natuurlijke personen of rechtspersonen die zich bereid hebben verklaard elk jaar een geldelijke bijdrage aan de vereniging te geven en die als zodanig door het bestuur zijn toegelaten; de algemene vergadering zal elk jaar de minimale hoogte van die bijdrage vaststellen.
Het bestuur is bevoegd het donateurschap door schriftelijke opzegging te beëindigen.
31.2. Donateurs hebben geen andere rechten en verplichtingen dan die welke hun bij of krachtens de statuten zijn toegekend en opgelegd.

over statutenwijziging en ontbinding van de vereniging
32.1. De algemene vergadering kan besluiten deze statuten te wijzigen of de vereniging te ontbinden; zo’n besluit kan zij alleen maar nemen in een daartoe bijeengeroepen algemene vergadering, waarin ten minste twee/derde gedeelte van het aantal stemgerechtigde leden aanwezig of vertegenwoordigd is, en met een meerderheid van ten minste twee/derde gedeelte van het aantal stemmen.
32.2. Als het in lid 1 van dit artikel bedoelde quorum niet aanwezig of vertegenwoordigd is, mag het bestuur besluiten op de hierboven genoemde wijze een nieuwe algemene vergadering bijeen te roepen, die ten minste veertien maar ten hoogste acht en twintig dagen na de eerste vergadering gehouden moet worden; in die tweede vergadering kan bedoeld besluit alleen worden genomen met een meerderheid van ten minste twee/derde gedeelte van het aantal dan uitgebrachte stemmen, ongeacht het aantal dan aanwezige en vertegenwoordigde leden.
32.3. Een vergadering als bedoeld in lid 1 van dit artikel moet het bestuur ten minste een en twintig dagen tevoren bijeenroepen, met de mededeling dat in die vergadering wijzigingen van de statuten of ontbinding van de vereniging zal worden voorgesteld.
32.4. Het bestuur moet de tekst van de voorgestelde statutenwijziging ten minste veertien dagen vóór de vergadering aan de leden toesturen of vanaf dat tijdstip op een daartoe geschikte plaats voor de leden ter inzage leggen, een en ander tot na afloop van de dag waarop de vergadering wordt gehouden.
32.5. Een statutenwijziging treedt niet in werking dan nadat hiervan een notariële akte is opgemaakt. Ieder van de bestuursleden is bevoegd om de akte van statutenwijziging namens de vereniging te ondertekenen.

over de vereffening van het vermogen van de vereniging
33.1. Na het besluit tot ontbinding van de vereniging moet het bestuur als vereffenaar het vermogen van de vereniging vereffenen, tenzij de algemene vergadering daarvoor anderen heeft aangewezen.
33.2. De vereffening moet geschieden met inachtneming van de daaraan in artikel 2:23 a tot en met c van het Burgerlijk Wetboek gestelde eisen.
33.3. Een eventueel batig saldo na de vereffening wordt aan degenen die ten tijde van het besluit tot ontbinding gewoon lid waren overgedragen. Ieder van hen ontvangt een gelijk deel. Bij het besluit tot ontbinding kan echter ook een andere bestemming aan het batig saldo worden gegeven.
33.4. Na afloop van de vereffening moeten de jaarstukken en andere bescheiden van de ontbonden vereniging ten minste zeven jaar worden bewaard door degene, die daarvoor door de algemene vergadering is aangewezen; binnen acht dagen na afloop van de vereffening moet de bewaarder van zijn bewaarplicht opgave doen bij het handelsregister van de Kamer van Koophandel.

schriftelijk
34. Onder “schriftelijk” wordt in deze statuten verstaan: bij brief, telefax of e-mail, of bij boodschap die via een ander gangbaar communicatiemiddel wordt overgebracht en elektronisch of op schrift kan worden ontvangen, mits de identiteit van de verzender met afdoende zekerheid kan worden vastgesteld.

Nieuwsbrief

Mis niets meer en blijf op de hoogte van de ontwikkelingen binnen de NVBMH.

Contact opnemen?